Daltononderwijs

Daltononderwijs is genoemd naar het dorp Dalton in Amerika, waar de grondlegger van het systeem, Helen Parkhurst, in 1920 voor het eerst met dit onderwijsconcept werkte. Parkhurst wilde af van het destijds starre klassikale Amerikaanse onderwijssysteem. In haar school kregen kinderen meer vrijheid en daardoor een meer actieve leerhouding. De afgelopen 100 jaar is het Dalton-onderwijsconcept uiteraard gemoderniseerd, maar de basisprincipes zijn nog hetzelfde.  

Het onderwijs op een Daltonschool verloopt volgens pedagogische ankerpunten:  

1. Vrijheid in gebondenheid

Om zelfstandig te kunnen leren, heb je vrijheid nodig. Je moet zelf keuzes kunnen maken. Maar vrijheid betekent niet dat zomaar alles kan en alles mag. De docent biedt de grenzen waarbinnen leerlingen in vrijheid kennis en ervaring kunnen opdoen. Kinderen krijgen steeds meer verantwoordelijkheid voor hun eigen leren. De leerling en de docent maken samen afspraken over de leerstof. 

2. Zelfstandigheid

Het Daltononderwijs maakt kinderen tot volwassenen die zelfstandig kunnen denken en handelen. Op Daltonscholen wordt dus veel zelfstandig gewerkt. De rol van de docent is het begeleiden en coachen van de leerling. De leerling houdt het initiatief daar waar het kan.  

3. Samenwerking

Om later als volwassene te kunnen deelnemen aan de samenleving, moet je kunnen samenwerken. Ook met mensen die je niet zelf kiest. Daarom besteden daltonscholen, naast het zelfstandig werken, ook veel aandacht aan het werken en spelen in groepjes. Zo leren kinderen naar elkaar te luisteren en respect voor elkaar te hebben.  

4. Effectiviteit

Het daltononderwijs is bedoeld om kinderen effectiever te leren werken. De grondlegger Parkhurst wilde het schoolse leren doelmatiger maken. Tijd, mensen en middelen worden zo effectief mogelijk ingezet. Het idee is dat als kinderen zelf hun taken inplannen en uitvoeren, dat het onderwijs effectiever maakt dan het ‘stilzit- en luisteronderwijs’.  

5. Reflectie

Het nadenken over je eigen werk en gedrag staat centraal op daltonscholen. Leerlingen moeten van tevoren zelf inschatten hoeveel tijd ze kwijt zijn aan een taak en hoe moeilijk het zal zijn. Na afloop wordt besproken of hun idee klopte. Maar het gaat niet alleen om reflectie van de leerlingen. Ook de leerkracht reflecteert op zijn eigen werk en handelen. En ook op schoolniveau wordt er continu gereflecteerd over de kwaliteit van het onderwijs.

  

Deze 5 uitgangspunten geven het onderwijs zodanig vorm, dat elk kind zich prettig kan voelen in de school en daar ook wil leren en zich kan ontwikkelen. Iedere Daltonschool werkt deze 5 aspecten uit op een manier, die in de eigen situatie en binnen de eigen visie van de school het beste past. De ene school wil toewerken naar een situatie waarbij kinderen zichzelf volledig sturen en een andere school kiest vanuit haar visie en situatie voor meer gedeelde sturing (leerkracht en leerling samen). Op De Vlonder hebben wij gekozen voor een gedeelde sturing.

Als Daltonschool hebben we op obs De Vlonder ook aandacht voor het feit dat leerlingen zich leren verhouden ten opzichte van de kennis en kunde die ze op school leren. Bij al die kennis en vaardigheden is immers steeds weer de vraag te stellen wat die kennis en vaardigheden voor jou betekenen. Hier komt het ultieme doel van Daltononderwijs naar voren. Het gaat niet alleen om kinderen op een technische manier de kennis en vaardigheden te leren waarmee ze zichzelf staande kunnen houden in de wereld, het gaat bij Daltononderwijs om kinderen te vormen tot personen. Persoonsvorming gaat om het opbouwen van een relatie met de wereld en met zichzelf in relatie tot die wereld. En dat gebeurt in elk vak en in relatie met andere leerlingen en de leraar.
  
 

© 2021 Openbaar Onderwijs Emmen - alle rechten voorbehouden